• Crime Desk

Bijna-liquidatie in Ridderkerk. “Hij riep “meneer” en toen was het klík...”

Het is woensdag 15 april 2020 als het doorgaans vrij rustige Ridderkerk in alle vroegte wordt opgeschrikt door de poging tot liquidatie van de 54-jarige Ronald uit die plaats. Het incident vindt plaats op de Ringdijk, pal voor de woning van het slachtoffer. Als Ronald rond 06.20 uur naar zijn auto loopt wordt hij benaderd door een man, die met gestrekte arm een pistool op hem richt en na een “meneer!” de trekker overhaalt. De Ridderkerker heeft geluk: het wapen weigert, ook bij drie volgende pogingen. Er ontstaat een worsteling waarbij de Ronald rake klappen op het hoofd krijgt. Maar dat is niet waar de schutter voor was gekomen. Onverrichterzake springt hij in een zwarte vluchtauto die door een handlanger wordt voorgereden, waarna het duo er met grote snelheid vandoor gaat. De liquidatiepoging is op een mislukking uitgelopen.

Slachtoffer Ronald in gesprek met Mick van Wely.

Twee uur later die woensdag wordt de zwarte Renault Megane aangetroffen op de Zevenoord in Rotterdam-IJsselmonde. Het voertuig blijkt eerder te zijn gestolen en in de kofferbak ligt een jerrycan met benzine. De recherche zet stevig in op de zaak en met succes. Al na zes weken weet het team aan de hand van camerabeelden, telefoongegevens en getuigenverklaringen twee mannen aan te houden. Een 22-jarige Rotterdammer wordt ervan verdacht het wapen te hebben gehanteerd en een 24-jarige stadgenoot wordt gezien als de vermoedelijke bestuurder van de vluchtauto.


Als de zaak begin september 2020 voor de rechter komt wordt duidelijk dat het wapen nooit is gevonden en dat is een stevig probleem voor de bewijsvoering. Want zolang niet is vastgesteld dat het om een écht vuurwapen ging met échte kogels, kan poging tot doodslag of moord onmogelijk worden bewezen. Het kan immers ook een nepwapen zijn geweest en dan blijft alleen bedreiging over. De zaak loopt voor de verdachten dan ook met een sisser af. De beoogde schutter wordt tot 9 maanden veroordeeld voor medeplegen van bedreiging, mishandeling (de slagen op het hoofd van het slachtoffer) en medeplegen van opzetheling van de auto. De bestuurder krijgt vijf maanden voor het medeplegen van bedreiging en opzetheling van de auto.


Het slachtoffer Ronald is een nuchtere en stoere Rotterdammer zonder strafrechtelijk verleden. Hij werkt in het grondverzet en leerde in 2016 via zijn werk de 38-jarige I. E. kennen. De man werkt ook in de infrasector en runt sinds 2016 zijn eigen bedrijf in Barendrecht. Er was een klik tussen Ronald en E. en gaandeweg ontstond het idee om te gaan samenwerken als compagnons. Daarbij zou Ronald door E. op de loonlijst worden gezet. Maar al snel kwamen er barstjes in de samenwerking. E. was niet goed van betalen en Ronald moest steeds wachten op zijn loon. Toen E. in juli 2019 met zijn Russische vrouw voor een paar weken in Rusland was, zou Ronald de lopende zaken voor zijn rekening nemen. Toen werd hem duidelijk dat het bedrijf er financieel niet best voorstond. Er was niet eens genoeg geld voor het personeel om diesel te tanken, zelfs dat moest de Ridderkerker voorschieten. Hij belde zijn compagnon op en toen spraken de mannen af dat Ronald uit eigen vermogen 40.000 euro zou voorschieten. E. beloofde dat hij na terugkomst “alles zou regelen.”


Maar dat gebeurde niet. E. kwam niet over de brug, dit tot groeiende ergernis van Ronald. De verstandhouding tussen de twee bekoelde flink en er ontstond – vooral in appjes – een pittige woordenwisseling, waarbij ook de Ridderkerker zich niet onbetuigd liet. Ronald voelde zich “genaaid” en wist uiteindelijk met veel moeite 23.000 euro terug te krijgen. Omdat E. niet van plan leek om het resterende bedrag terug te betalen bleef het conflict sluimeren. De Ridderkerker vertrouwde zijn compagnon niet meer en begon te wroeten in zijn privéleven en zakelijke activiteiten. Hij ontdekte dat E. een belastingschuld had en bij zijn Russische vriendin Barendrecht inwoonde. Op papier stond hij echter ingeschreven op een adres in Duitsland.


Al googelend ontdekte Ronald nog meer. Tot zijn grote verbazing bleek dat E. op 11 september 2019 een nevenvestiging van zijn bedrijf had laten registreren op het adres Haifastraat 11 in Antwerpen. Ronald vond dit raar omdat het niet logisch is dat iemand met financiële problemen een tweede zaak opent in het buitenland. Verder wist de Ridderkerker dat een Nederlands infrabedrijf in België geen kans van slagen heeft. In een paar appjes besloot hij zijn compagnon met zijn ontdekking en wantrouwen te confronteren.


Niet lang daarna werd hij bijna het slachtoffer van een liquidatie.

Ronald had aanvankelijk geen idee wie het op hem kon hebben gemunt. Hij leefde weliswaar op gespannen voet met E., maar een poging tot moord, dat leek hem onwaarschijnlijk. Totdat hij van een collega hoorde dat er op Crimesite iets stond over de onderschepping van een partij van 4200 kg cocaïne in Antwerpen. Op de misdaadsite stond een printscreen uit de Gazet van Antwerpen afgebeeld, met daarop een foto van de bewuste loods. Op de gevel zat een bord met de naam van E.’s bedrijf. En tussen de namen van de acht arrestanten kwam Ronald één zeer bekende tegen: de 38-jarige I. E. uit Rotterdam, zijn compagnon. Hij werd ervan verdacht de loods te hebben gehuurd, aldus het nieuwsbericht.


Origineel beeld van de poging tot liquidatie.

Ronald heeft weinig twijfels. Hij denkt dat E. – of althans iemand van de organisatie – twee jongens heeft ingehuurd om hem te laten liquideren. I. moet er volgens hem sowieso een rol in hebben gespeeld, want wie anders kende zijn adres en het tijdstip waarop hij naar zijn werk ging? Ronald denkt dat hem het zwijgen moesten worden opgelegd omdat hij kennis droeg van de gehuurde loods en daardoor de hele drugsinvoer dreigde te saboteren.


Enkele maanden na de drugsvangst in Antwerpen volgden er nieuwe aanhoudingen en invallen in Nederland, onder andere bij een autoverhuurbedrijf in Barendrecht. De eigenaar daarvan zit vast en zat met zijn bedrijf naast dat van I.E. De uitvoerders van de mislukte liquidatie zijn in hoger beroep gegaan. Dat dient later dit jaar.


De Belgische advocaat van I. E. wil niet op de zaak reageren. Hij zegt alleen het dossier van de Antwerpse drugsvangst te kennen.